Aanbevelingen voor zwemmen in open water

Nu de zwembaden gesloten zijn, zoeken meer en meer sportieve mensen de buiten wateren op. Reden voor de Koninklijke Nederlandse Zwembond (KNZB) om een aantal richtlijnen op te stellen.

Nu de zwembaden gesloten zijn, zoeken meer en meer sportieve mensen de buiten wateren op. Reden voor de Koninklijke Nederlandse Zwembond (KNZB) om een aantal richtlijnen op te stellen. Deze zijn van toepassing naast de algemeen geldende richtlijnen van het RIVM.

Aanbevelingen bij buiten zwemmen

  1. Controleer de kwaliteit van het zwemwater, bijvoorbeeld via Zwemwater.nl;
  2. Controleer de temperatuur van het water. Ga niet zwemmen bij een watertemperatuur onder de 15 graden en gebruik tot en met 18 graden altijd een wetsuit en badmuts;
  3. Zwem samen met een andere persoon en gebruik een saferswimmer zwemboei;
  4. Beoordeel de situatie ter plekke. Is er stroming? Wat zijn de weersverwachtingen? Hoe herken ik mijn beginpunt? Waar zwem ik heen? Wat zijn andere risico’s?;
  5. Maak vooraf altijd afspraken over de veiligheid;  
  6. Bouw het rustig op, begin altijd met een korte training, elke nieuwe situatie heeft een gewenningsfase; 
  7. Begin met zwemmen in de ondiepe gedeeltes of dichter bij de kant. Als de temperatuur toeneemt, kun je verder het water op;
  8. Zorg er voor dat je na afloop een thermodeken en warme drank tot je beschikking hebt, voor het geval je het echt te koud hebt. Bron

Mijn ervaring met buiten zwemmen

Ik ben opgetogen aan de Ankeveense Plassen, ik ben een plassen plonzer. We wonen aan het water en mochten na schooltijd zwemmen bij de buren. Die hadden een veranda waar we vanaf konden springen.
Ook heb ik 20 jaar lang waterpolo beoefend. Onze trainingen vonden vanaf mei in de diverse buitenbaden plaats. En de toernooien vanaf de maand juni vonden ook in buiten water, zelfs in plassen plaats. Ik heb wel eens de eerste wedstrijd van de dag in 15 graden water gespeeld en dat was geen pretje. De volwassenen dronken na afloop Beerenburg op de kant en ik rende zo snel als ik kon de tent en mijn slaapzak in!

“Wacht nog even een maandje”, zei Marcel Wouda. Ik tip de opblaasbare roeiboot als droog alternatief voor een sportieve bezigheid op open water.
Lees ook zwemmen in de sneeuw en veilig schaatsen op natuurijs.

Bron afbeelding: Pixabay

Zwem jij wel eens in buiten water?

Buitenspelen (in de natuur) is gezond

Buiten spelen is gezond, maar waarom eigenlijk? En hoe stimuleer je het buiten zijn?

Het is ons met de paplepel ingegoten: buiten spelen is gezond. Maar is dat eigenlijk zo?

Buiten spelen is gezond

Natuurlijk licht

Wanneer je buiten speelt kom je in aanraking met natuurlijk licht. Dit is van groot belang voor je biologische klok. Vaak zal je merken dat je na een dag buiten spelen ’s avonds heerlijk slaapt.
Dit in tegenstelling tot blauw licht, bekend van schermen.

Je ogen

Door het natuurlijke licht en het verder kunnen kijken richting de horizon is goed voor je ogen. Helemaal wanneer je normaal gesproken veel naar een scherm of boek dichtbij kijkt.
Het Oogfonds adviseert zo’n twee uur per dag buitenspelen om de kans op bijziendheid te verkleinen.

Bewegen

Buiten heb je vaak meer ruimte dan binnen. Je lichaam beweegt andere spieren. Ook word je door obstakels op straat of in de natuur uitgedaagd om meer te klimmen en springen. Je oefent zo je grove motoriek.
De fijne motoriek wordt aangesproken wanneer je een beestje op wil pakken of met een takje tekent in het zand.

Groei

Door het nemen van deze (natuurlijke) hindernissen versterkt je zelfvertrouwen. Je bent op jezelf (en op vriendjes) aangewezen. Dat is goed voor je zelfstandigheid en het leren samenwerken door samen te spelen.

Weerstand

Door buiten te zijn, komt je huid in aanraking met zonlicht. Dat heeft je lijf nodig om vitamine D aan te maken. Dat is goed voor je weerstand. Dat geldt ook voor het spelen met zand, water en aarde. Handen wassen na het buiten spelen!

Stress reductie

Als je buiten speelt, vergeet je vaak de tijd. Je bent druk met je fantasie en er echt even helemaal uit. Dat werkt positief door op het stress niveau en het gevoel van moeten presteren, de leerdruk.

Buiten spelen in de tuin, in de buurt of in de natuur?

Zou het gezonder zijn om te spelen in de natuur dan op straat? Ik zou aan kunnen nemen dat er wel een verschil is in luchtkwaliteit. De uitlaatgassen en het fijnstof zullen hoger zijn in je straat dan in een bos of op het strand.
Ook wordt je in de natuur op een andere manier uitgedaagd. In de wijk zijn de mogelijkheden meer vastgelegd. De schommel en wip hebben een functie, een stapel losse takken of een hoop zand dagen meer uit tot een fantasie. Dat verandert wanneer je er een bal bijpakt. Dan zou de speelplek om het even zijn. Ook zijn er in de natuur niet altijd leeftijdsgenootjes om mee te spelen en ben je meer op jezelf aangewezen. Dat is bij ons in de buurt wel anders.
En daarentegen is je tuin en je wijk dichterbij dan een natuurspeelplek. Hoe je zelf een zandbak maakt is te lezen bij Anita’s potjes en pannen.

Hoe doen wij dat met onze dochters?

Ik ben opgegroeid in een klein dorp met veel ruimte. Wij struinden altijd buiten en speelden in het buurtje of in het zot. Daar hielden wij een modderballengevecht en moesten over sloten heen springen om verder weg te komen bij de bosjes. Daar konden we klimmen. Ook waren wij wel eens te vinden bij een vervallen kas.
Als ouders vinden wij buiten spelen van belang en stimuleren dat bij onze kinderen. Zo zijn we verhuisd naar een kinderrijke buurt met een groot speelveld met speeltuin op de hoek. De oudste is door het voetballen met de kinderen uit de wijk besmet en voetbalt nu driemaal per week buiten bij een voetbalvereniging.
Onze basisschool heeft een groot speelplein, een schooltuin en houdt kippen en cavia’s.
Met ons gezin bezoeken we met enige regelmaat het speelbos en wat gunstig gelegen restaurants aan de heide of in het bos. Ook maken we wel eens een wandeling vanuit huis.
Onze dochters zitten op Scouting, dat garandeert wekelijks al ruim twee uur buiten zijn op de vrije zaterdag. Met aansluitend dan een voetbalwedstrijd van de oudste.
En dan hebben we natuurlijk nog ons Landje, waar we regelmatig buiten te vinden zijn.
Ik denk al met al dat wij de twee uur buiten zijn wel halen, helemaal in de zomer. Dan moet ik ze binnen roepen voor bedtijd. Al spelen ze in de winter ook graag buiten met vriendjes.

Hoe kan je het buiten spelen stimuleren?

Buitenspeelgoed

Het is niet altijd nodig om je tuin in te richten met buitenspeelgoed. Soms heeft een kind al aan een takje of steentje genoeg. Het kan wel eens helpen om ze sneller over de drempel te jagen. Dan wijs ik ze bijvoorbeeld op de NERF en dan gaan ze toch naar buiten. Ook het opzetten van een zwembadje of watertafel kan dit gewenste effect hebben.Soms kan je dingen ook net even anders doen dan normaal. Het verven met stoepkrijt is hier een goed voorbeeld van.

Urenlang met zand spelen aan de waterkant

buiten Klussen door het jaar heen

Soms willen de kinderen gewoon samen zijn. Dat zijn de momenten dat ik met een bladhark het goede voorbeeld geef. Of de heg kan geknipt worden.
Afhankelijk van het jaargetijde kan het gras gemaaid worden of vegen we de stoep. Soms is er iets te zaaien, te poten of zelfs te oogsten. De auto kan een wasbeurt gebruiken of de ramen gelapt. Het zorgt al met al voor een opgeruimd gevoel. Altijd leuk om een klusje te doen en aansluitend samen (buiten) iets te eten of drinken.

Geef zelf het goede voorbeeld

Goed voorbeeld, doet goed volgen. Als je je wandelschoenen aantrekt en de kinderen zien dat, is hun nieuwsgierigheid al gewekt.
We fietsen samen wat af. Soms met als doel een bosje bloemen te plukken in onze pluktuin of recreatief fietsen middels knooppunten.
En ze vonden het afgelopen zomer hilarisch toen ik onaangekondigd eens meeging naar het speelveld om een bal in de basket te gooien.
Ook zijn de vriendjes uit de buurt altijd welkom om aan te bellen. Meestal gaan de meisjes dan wel mee naar buiten.

Activiteitenkalender

Ook houd ik de activiteitenkalender en sites van verschillende bedrijven en organisaties in de gaten. Zo is er bij de kinderboerderij vaak wel wat te doen. Hebben we een actief team van buurtsportcoaches die de pleintjes en velden in de wijken door onze woonplaats actief gebruiken.
Ook de wijkbus parkeert vaak bij een schoolplein en organiseert daar een spelactiviteit.
De twee grootste buurthuizen organiseren hutten bouwen in de schoolvakantie. Daar ben ik tot mijn grote spijt steeds te laat met inschrijven geweest.
Ook Natuurmonumenten en I.V.N. organiseren leuke buitenactiviteiten op locatie. En ga zo maar door.

Bezoek samen een buitenlocatie

Wij wonen op fietsafstand van de bezoekerslocatie van Natuurmonumenten in ’s Graveland. Naast het kindvriendelijke restaurant Brambergen is een natuurspeeltuin gelegen.
Er zijn tal van natuur- en wandelgebieden in Nederland:

Tip: Via Gezondekinderogen.nl kan het gratis informatiepakket ‘Gezonde kinderogen’ aangevraagd worden. Naast informatie bevat dit pakket beloningsstickers voor buiten spelen en een oogtest-poster.

Haalt je kind twee uur buiten spelen per dag?

Veilig in het Verkeer- gedragsregels gebruikers natuurgebieden

Er bestond in de natuurgebieden om ons heen een behoefte aan het scheppen van duidelijkheid door het opstellen van gedragsregels specifiek voor MTB- ‘ers. Nu zou voor eens en altijd duidelijk moeten zijn wie zich waar mag begeven in de natuurgebieden. ‘De natuur is voor iedereen’ gaat niet op

De gedragscode MTB (Mountainbike) is ontwikkeld door de Nederlandse Toerfiets-unie (NTFU) en de Koninklijke Nederlandse Wielren-Unie (KNWU) in samenwerking met Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten. Er bestond in de natuurgebieden om ons heen een behoefte aan het scheppen van duidelijkheid door het opstellen van gedragsregels specifiek voor MTB- ‘ers. Nu zou voor eens en altijd duidelijk moeten zijn wie zich waar mag begeven in de natuurgebieden. ‘De natuur is voor iedereen’ gaat niet op, terwijl de verschillende groepen gebruikers zich soms wel zo gedragen. Deze gedragscode geldt voor twee jaar in de vorm van gedoogbeleid.

Gedragscode MTB

De gedragscode bestaat uit acht punten:

 •Fiets alleen waar het is toegestaan;
•Respecteer de natuur (plant én dier);
•Fiets in kleine groepjes;
•Waarschuw andere recreanten tijdig en vriendelijk;
•Benader andere recreanten en drukke locaties stapvoets;
•Voorkom onnodig remmen: spaar de ondergrond;
•Maak geen onnodig lawaai;
•Laat geen afval achter.

De ruiterpaden en wildwissels zijn niet toegankelijk voor MTB-ers. Wist je dat ruiters betalen voor het onderhoud aan een ruiterpad? En dat er speciale MTB-routes bestaan waarvoor het hebben van een vignet verplicht is? Mijn eerste reactie op het lezen van deze fatsoensnormen is dat deze 8 punten voor een ieder gelden. Het voordeel daarvan is dat we elkaar aan kunnen spreken op deze normen. Deze gedragscode of regels zijn niet landelijk in te voeren door een grote hoeveelheid landeigenaren. Voor het ontstaan van de Gedragscode MTB zijn er andere pogingen gedaan om regels op te stellen.

De Campagne Buitencode

In 2016 hebben verschillende sportbonden (NTFU, KNHS en Atletiekunie) en natuurorganisaties (Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en Landschappen) de handen ineengeslagen. Deze samenwerking levert een ‘Buitencode’ op waarin we een aantal gedragsregels met elkaar afspreken: ‘Ruimte voor elkaar, sportief gebaar’.

•Wees vriendelijk, geef elkaar de ruimte en minder je vaart
•Voel je verantwoordelijk voor je eigen gedrag richting natuur en haar gebruikers
•Durf een ander aan te spreken op zijn gedrag
•Sportief bewegen in de natuur doe je veilig, draag bescherming
•Blijf op de paden en geef natuur de ruimte

Ruimte voor elkaar sportief gebaar

Onze ervaring

Wij fietsen met drie dochtertjes naast door de fietsstraat ook door bos en heide en maken onderweg wel eens iets mee. Tijdens een pitstop bij Theehuis Het Bluk (Zuiderheide), kruispunt van verschillende fietsknooppunten, valt ons op hoeveel verschillende groepen gebruikers er eigenlijk zijn. We zien groepjes hardlopers bezig met een intervaltraining, wandelaars, honden uitlaters, fietsende gezinnen, woon-werk-verkeer op de (elektrische/highspeed) fiets, scootmobiel, iemand oefent yoga uit en een ander loopt met een stok en is slecht ter been. Al deze mensen gebruiken een schelpenpad van krap een meter breed. Ook wij schrikken ons wel eens een rotje als wij met een vaart ingehaald worden. Wij komen ook wel eens een stug naast elkaar doorfietsend ouder echtpaar tegen. We nemen gas terug bij het naderen van een hond, paard of rund. Sommige mede-pad-gebruikers bezorgen wij hinder door ons lage tempo, doordat we niet vlot genoeg aan de kant gaan of door onvoorzichtig gedrag (vaak gekoppeld aan leeftijd).

De boodschap

Rekening houden met elkaar, Leven en laten leven. Wij gunnen iedereen zijn wandel-, fiets-, herstel- en sportmoment in het natuurgebied. We genieten van elkaar en zijn dankbaar voor zo’n mooie woon-en leefomgeving. Laten we die net als Staatsbosbeheer, het Goois Natuurreservaat en Natuurmonumenten koesteren door ons allemaal te gedragen.

Heb jij wel eens een bord met fietsregels gezien?

Kappen met die bomenkap, is dat wel zo eenvoudig?

De regelgeving omtrent het kappen van bomen verschilt per gemeente. In sommige gemeenten is het kappen of verplaatsen van een boom niet toegestaan.

Afgelopen week schreef ik al een stuk over onze houtstapel en dat deze uit de klauwen groeide. Nu in het voorjaar de bomen uitlopen, vallen de bomen die het niet hebben gered of niet lijken te redden des te meer op. Blijkt dat de droogte van afgelopen zomer toch wel heeft toegeslagen om ons heen. Van de omgevallen bomen of losgelaten takken vlechten we een natuurwal voor de vogels, kleine dieren en insecten.

Bomenkap, het kapbeleid in het nieuws

In mijn mailbox tref ik een persbericht van Natuurmonumenten aan. Ze staken de bomenkap voor nu en dat zet mij wel aan het denken. Zeker als ik een week later een interview met Staatsbosbeheer op televisie volg die op de ‘oude’ voet doorgaan met het kapbeleid en dus ook het commercieel kappen van hout. Eerst even beginnen bij het begin.

Kapbeleid, kapvergunning de regels

De regelgeving omtrent het kappen van bomen verschilt per gemeente. In sommige gemeenten is het kappen of verplaatsen van een boom niet toegestaan. Soms geldt dat het doen van een melding voldoende is of juist dat er een omgevingsvergunning door een particulier aangevraagd moet worden. Hier kan je deze vergunningscheck doen. Voor het kappen of verplaatsen van een boom heb je een goede reden nodig. Deze reden dien je uitvoerig toe te lichten of soms zelfs te staven door het inschakelen van een boomdeskundige. Soms gaat de gemeente akkoord onder de bijzondere voorwaarde dat je een (andere) boom terugplaatst. De gemeente mag de toestemming weigeren op een aantal gronden:

  • natuur- en milieuwaarden
  • landschappelijke waarde
  • cultuurhistorische waarde
  • waarde voor het stads- of dorpsschoon
  • waarde voor de recreatie en leefbaarheid
Bron Juridisch Loket

Voor Provincies, instanties en gemeenten zelf geldt als landeigenaar of -beheerder weer andere decentrale regelgeving, o.a. opgenomen in de Boswet.
En op het niveau van de Europese Unie is er wel regelgeving, maar die is niet bindend. De Habitatrichtlijn vereist dat beschermde bossen in stand worden gehouden of hersteld worden.

Bomenkap: Natuurmonumenten maakt pas op de plaats en gaat gesprek aan met leden over kapbeleid

Natuurmonumenten gaat met de achterban in gesprek over het eigen kapbeleid en stelt daarom de komende periode het kappen van bomen uit. Bomenkap leidt tot stevige discussies en die gaan ook Natuurmonumenten niet ongezien voorbij. Als natuurvereniging beheren we meer dan 100.000 hectare natuur in Nederland, waarvan een derde deel bos. Dat doen we namens ruim 700.000 leden, donateurs en vrijwilligers. Als onderdeel van het beheer zaagt Natuurmonumenten soms bomen, terwijl de strijd tegen de klimaatverandering juist vraagt om meer bomen. Dat is een moeilijke afweging en we zoeken doorlopend naar een goede balans hierin. Het zagen gebeurt om bijvoorbeeld heide en duinen weer open te maken die door zaailingen dichtgroeien, voormalige productiebossen natuurlijker te maken, bomenlanen te herstellen of vanwege de veiligheid langs paden. Ondertussen ontstaat op andere plekken nieuw bos. Het netto resultaat van het beheer bij Natuurmonumenten is een lichte groei van het oppervlak aan bos. Desondanks constateren we dat kapmaatregelen discussies oproepen bij de achterban en dat bij een deel van hen de steun voor bomenkap ontbreekt. Omdat we als vereniging op een goede manier willen opkomen voor de natuur en steun van onze achterban daarvoor onmisbaar is, gaan we de komende maanden in gesprek met betrokken leden, donateurs en vrijwilligers. Daarnaast vinden op de plekken waar plannen zijn voor het kappen van bomen, gesprekken plaats met omwonenden en gebruikers. De uitkomst van die gesprekken leiden mogelijk tot een heroriëntatie van het kapbeleid van Natuurmonumenten. In de tussentijd maakt Natuurmonumenten een pas op de plaats en zal alleen nog vanwege veiligheidsredenen bomen zagen.

via de weblink is meer informatie te vinden over het huidige beleid van Natuurmonumenten m.b.t. het kappen van bomen.
Huidig beleid van Natuurmonumenten m.b.t. het kappen van bomen.
Natuurmonumenten- Fochtelorveen en Compagnonsbossen, Ravenswoud, Ravenswld, Ooststellingwerf, Friesland, Frysln, Nederland, Europa

Bosbeheer in de praktijk van Staatsbosbeheer

Staatsbosbeheer is het hele jaar door aan het werk in het bos. Het meest zichtbaar is houtkap. Bomen kappen doen we om de volgende redenen. Bosbeheer en bomen kappen hangen nauw samen. En omdat bomen waardevol zijn voor de opslag van CO2, en daarmee de aanpak van klimaatverandering, en omdat mensen graag in bossen recreëren, wegen we steeds zorgvuldig af waar en wanneer we bomen kappen. We kappen bomen om de volgende redenen:

Dunning Bij een dunning halen we selectief een aantal bomen in het bos weg. Zo krijgen de bomen die blijven staan meer ruimte om groter en ouder te worden en krijgen jonge bomen meer kans. Dat levert een gevarieerder bos op, zowel in verschillende soorten als in leeftijden.

Verjonging Bij verjonging maken we kleine open plekken in het bos van maximaal 0,5 of 1 hectare, zodat er plaats komt voor een nieuwe generaties bomen. Dit doen we als er nauwelijks nog bijgroei is, of het bos niet meer vitaal is. Op deze plekken groeit er dus gewoon nieuw bos voor in de plaats. Bos blijft bos.

Natuurbeheer In Nederland staat de biodiversiteit enorm onder druk. Als natuurbeheerder hebben we een grote opgave om ervoor te zorgen dat de soortenrijkdom weer toeneemt. Dit is ook vastgelegd in internationale afspraken waar de Nederlandse overheid zich aan heeft gecommitteerd Natura 2000 en PAS-maatregelen. Organisaties als Staatsbosbeheer dragen graag bij aan het behoud van deze soorten, omdat toename van biodiversiteit een belangrijk doel is van het natuurbeheer in Nederland. Dat betekent dat we leefgebieden moeten beschermen en soms uitbreiden. Bijvoorbeeld voor kwetsbare soorten die van open terrein als heide en stuifduin houden en niet kunnen overleven in bos. Denk aan de nachtzwaluw, veldleeuwerik, tapuit en de zandhagedis. Daarom kappen we soms bomen om plaats te maken voor open leefgebieden voor deze soorten. Doen we op plekken waar dat het meeste effect heeft; de beste natuur op de beste plek. Waar een stuk bos verandert in bijvoorbeeld heide, hoeft dit niet elders gecompenseerd te worden. Natuur blijft immers natuur. Toch vindt Staatsbosbeheer dat die bossen elders weer geplant moeten worden. Dat is voor het klimaat belangrijk, want bomen nemen CO2 op uit de atmosfeer. Daarom gaan we zelf 5.000 hectare nieuw bos aanplanten op onze eigen terreinen. We hopen dat meer organisaties ook nieuwe bossen willen planten, en dat overheden mee willen werken om nieuwe bossen aan te leggen.

Houtproductie Van oudsher draagt Staatsbosbeheer bij aan houtproductie in Nederland. We vinden het belangrijk dat dat duurzaam gebeurt. Duurzaam bosbeheer betekent onder andere: nooit méér hout uit het bos oogsten dan er bij groeit. We beheren het bos volgens de regels van FSC, het strengste onafhankelijke keurmerk ter wereld voor duurzaam bosbeheer. Dit wordt al 20 jaar aan Staatsbosbeheer toegekend. We kappen uitsluitend met speciale aandacht voor bijzondere natuurwaarden, en zorgen ervoor dat het hout van de gekapte bomen uit onze gebieden zo hoogwaardig mogelijk wordt toegepast. Bijvoorbeeld voor meubels en vloeren. Want zolang dat hout gebruikt wordt, houd het zijn CO2 vast. Delen van de boom, zoals de kruin, die niet voor balken en planken geschikt zijn laten we liggen als voeding voor de bodem, of bieden we aan bij biomassacentrales. Op arme zandgronden blijft dit tak en tophout altijd liggen om weer voedingstoffen terug te geven aan de bodem. Op rijke kleigronden heeft dit niet en kan dit gebruikt worden voor biomassa. Staatsbosbeheer levert alleen tak en top hout aan warmtekrachtcentrales die 100 procent op biomassa draaien. We leveren nooit biomassa als bijstook in kolencentrales. Periodiek wordt getoetst of Staatsbosbeheer nog steeds aan de FSC-regels voldoet.

via deze weblink zijn meer verwijzingen te vinden of zelfs vragen te stellen aan Staatsbosbeheer.

Is bomenkap tegenwoordig nog wel te verkopen?

En precies op dit laatste punt, de houtproductie werd Staatsbosbeheer doorgezaagd tijdens het interview op televisie. Hoe verkopen zij houtproductie als reden voor bomenkap in deze tegenwoordige tijd van klimaatverandering? Het verantwoorde, maar toch commerciële karakter van houtproductie door bomenkap staat onder druk. Of kan Staatsbosbeheer verkopen dat deze opbrengsten goed terecht komen, o.a. bij Natuurbeheer? De geïnterviewde hield echter voet bij stuk.

Dat Natuurmonumenten in beraad gaat met de achterban, lijkt mij een goede stap. Al is het alleen maar om het creëren van meer draagvlak.

Terug naar de Particulieren

Bomenkap tegen ziekteverspreiding of wanneer gevaar dreigt door omvallende bomen blijft overeind staan als goede reden. Het argument van “Die boom belemmert mijn uitzicht” of “De boom neemt alle zon uit mijn tuin”, lijkt niet meer van deze tijd. Gelukkig hebben gemeenten de mogelijkheid een bijzondere voorwaarde tot herplaatsing te stellen. Daar voldoet onze gemeente gelukkig wel aan. En wij, wij zijn in het kader van de biodiversiteit volop bezig met het poten van fruitbomen voor in onze pluktuin.
De dode bomen krijgen van ons het recht om statig te blijven tot de zwaartekracht het van hen wint. In de tussentijd genieten insecten, zwammen en anderen van dit uitgestelde afscheid in stijl.

Drie handige producten voor het ultieme Buitenleven

Drie producten die ons Buitenleven veraangenamen. Altijd een tekentang op zak, rvs- pannen voor de buitenkeuken en een FirePit zonder last van de rook

In de mailbox van Tuin- en Buitenleven verschijnen al aardig wat persberichten. Ik heb er drie geselecteerd die ik vandaag in het zonnetje wil zetten.

Swiza Tick Tool, het Zwitserse zakmes met tekentang en vergrootglas

Vanwege de zachte winter is het tekenseizoen dit jaar erg vroeg begonnen. Het is dus zaak om extra alert te zijn om de ziekte van Lyme voor te blijven. Daarom is het voor wandelaars en fietsers verstandig om altijd een tekentang op zak te hebben, je kunt dan direct handelen als je een teek ontdekt. De Tick Tool van Swiza is hiervoor ideaal want dit Zwitserse zakmes heeft veel functies, inclusief tekentang en vergrootglas.

Met de Tick Tool verwijder je gemakkelijk en veilig elke teek en verminder je het risico dat je wordt geïnfecteerd met de ziekte van Lyme of hersenvliesontsteking als gevolg van een tekenbeet. De tekentang werkt heel natuurlijk: met een vloeiende beweging verwijder je de teek in zijn geheel. Met het vergrootglas controleer je vervolgens of de parasiet grondig is weggenomen.

Swiza Tick Tool met tekentang

De Swiza Tick Tool heeft nog tien andere functies waaronder een zaag, mes, kurkentrekker, flessenopener, priem met naai-oog, schroevendraaier en pincet. De tools zijn gemakkelijk te openen met zowel de linker- als rechterhand en veilig te vergrendelen en ontgrendelen door simpelweg de Zwitserse vlag in te drukken.

Handel snel
Niet alleen wandelaars en fietsers lopen risico om in aanraking te komen met teken, ook dierenliefhebbers en tuiniers dienen zichzelf goed te controleren. Teken houden zich op in grassen, struiken en bossen. Ongeveer 20% van de teken in Nederland is besmet met de Borrelia-bacterie die de ziekte van Lyme kan veroorzaken. Als een besmette teek zich langer dan 24 uur aanhecht is er een grote kans dat de bacterie wordt overgedragen. Mocht je een teek ontdekken, verwijder de parasiet dan onmiddellijk en altijd in zijn geheel, om de kans op overdracht van de bacterie tot een minimum te beperken.

Informatie
Het merk Swiza is o.a. verkrijgbaar bij Bever, ANWB-winkels en webshops. Consumentenadviesprijs Swiza Tick Tool zonder zaag € 38,50. Met zaag € 54,95.

Ultralichte RVS-pannen voor outdoor-cooking

De nieuwe Sea to Summit Sigma Cookset is ideaal voor outdoor-cooking. De Sigma Pots zijn gemaakt van premium roestvrijstaal en daardoor ijzersterk. Dankzij een speciaal procedé zijn de pannen vederlicht en dat is bijzonder voor een RVS-pan. Ideaal voor op de camping en tijdens fietsvakanties.

Een bijkomend voordeel van roestvrijstaal is dat je de pannen makkelijk schoonmaakt en dat ze minder gevoelig zijn voor krassen. De onderzijde van de Sigma Pot geeft een stabiele grip zodat hij niet wegglijdt van de brander. De deksels doen tevens dienst als vergiet en kunnen met een slim klipje gemakkelijk aan de pan gehangen worden tijdens het koken. Het ontwerp is zo gemaakt dat de pannen makkelijk in elkaar passen, zodat je met een compacte set op pad gaat.

Met de Pivot-Lock roteer je de greep horizontaal en zet je de deksel stevig vast voor transport en zeker je de deksel tijdens het afgieten. De complete set bestaat uit twee Sigma Pots van 1,2 en 2,7 liter, twee lichtgewicht BPA-vrije kommen en twee geïsoleerde bekers.

Informatie
De Sea to Summit Sigma Cookset 2.2 is verkrijgbaar bij outdoorwinkels en via webshops. Consumentenadviesprijs € 99,95. Ga voor meer informatie naar http://www.technolyt.nl. De Sigma Pots zijn ook los verkrijgbaar, in vier maten: •1,2 liter, consumentenadviesprijs € 39,95 •1,9 liter, consumentenadviesprijs € 44,95 •2,7 liter, consumentenadviesprijs € 49,95 •3,7 liter, consumentenadviesprijs € 59,95

Kampvuur met je smartphone

Met de Biolite FirePit geniet je van een warm en knisperend kampvuur zonder dat je last hebt van rook. De crux van de vuurkorf annex BBQ zit hem in de ingebouwde ventilator die de luchtcirculatie aanstuurt door maar liefst 51 luchtopeningen. De ventilator stuur je aan via een app op je smartphone. Zo voeg je desgewenst meer of minder lucht toe om de kracht van het vuur te bepalen.

Je zit niet niet in de rook en ook de buren hebben geen last van je kampvuur. Met de FirePit kun je perfect barbecueën: leg wat briketten op het vuur en je kunt aan de slag. De temperatuur regel je met je smartphone, zo maak je de lekkerste flame broiled burgers en steaks.

Rondom zicht
De Firepit is gemaakt van doorzichtig X-Ray mesh van metaal zodat je aan alle kanten zicht hebt op het vuur. De batterij voor de aansturing van de ventilator gaat zo’n 24 uur mee en is gemakkelijk op te laden via USB of aangekoppeld solarpanel.

BioLite heeft een aantal optionele accessoires zoals de FirePit Solar Cover, een waterdichte transporthoes met ingebouwd zonnepaneel. Hiermee laad je overdag de accu van de FirePit. Met de handige FirePoker kun je gemakkelijk het binnenrek verplaatsen of het vuur opstoken. De FireMat die onder de FirePit geplaatst kan worden zorgt ervoor dat er geen schroeiplekken op de ondergrond ontstaan.

In de vuurkorf is plaats voor vier houtblokken. Je kunt ook BioFuel Pellets van BioLite gebruiken om snel een vuur te beginnen wanneer er geen droog sprokkelhout voorhanden is. De pellets zijn gemaakt van natuurlijk materiaal en zijn daardoor niet schadelijk voor gezondheid en milieu.

Informatie
De BioLite FirePit is verkrijgbaar bij de outdoorspeciaalzaak en diverse webshops. Winkeladviesprijs € 249,95. Ga voor meer informatie naar http://www.Technolyt.nl. Producteigenschappen

•Gewicht: 8980 g •Vermogen: 3400 Watt •Brandstof: Hout, pellets, briketten en houtskool •Input/output: Micro USB in, USB out •Brandtijd: 5 tot 24 uur al naargelang de stand van de ventilator

Recreatief fietsen middels knooppunten

Op een kruising van toonaangevende fietspaden is een genummerd bord met de regionale landkaart te vinden. Daar zijn de knooppunten in je buurt af te lezen met de lijn van de verbindingsroute. Het nummer correspondeert met je locatie en sluit aan op volgende knooppunten, waar weer eenzelfde bord te vinden is.

Wij wonen prachtig in het midden van het land en onze woonplaats wordt omgeven door bos, heide en plassengebied. Het zal je niet verbazen dat wij geregeld een rondje fietsen langs de welbekende paddenstoelen en ons de weg laten wijzen door de rode wegwijzers voor fietsers.

Rondjes fietsen op basis van fietsknooppunten

Die rondes worden echter steeds groter door onze nieuwe hobby: fietsroutes bepalen m.b.v. knooppunten. Het fietsknooppuntennetwerk is niet alleen een mooi scrabblewoord met driedubbele woordwaarde maar brengt het beste in je naar boven. Waar wij slecht luisteren naar onze navigatie en flauw worden van de ‘flauwe bochten’ van Google Maps, gaan we er nu eens even lekker voor zitten of bepalen onderweg onze fietsroute.  Zo fietsen we graag langs de Vecht of een rondje om het Gooimeer.

Het ontstaan van het fietsknooppuntennetwerk

Het knooppuntenstelsel is in de jaren ’80 bedacht door mijningenieur Hugo Bollen (bron Wikipedia). Het was bedoeld als eye-opener voor het natuurlijk schoon om ons heen en niet alleen voor fietsers, maar ook wandelaars. Het idee is dat als je meer waardering voor de natuur om je heen ervaart, je dit ook zou willen behouden. Op dit moment zijn er niet alleen routes in heel Nederland, de Benelux maar door de gehele Europese Unie in de planning of reeds uitgevoerd.

Hoe werkt dat met die fietsknooppunten?

Op een kruising van toonaangevende fietspaden is een genummerd bord met de regionale landkaart te vinden. Daar zijn de knooppunten in je buurt af te lezen met de lijn van de verbindingsroute. Het nummer correspondeert met je locatie en sluit aan op volgende knooppunten, waar weer eenzelfde bord te vinden is. Tussen de knooppunten (op de verbindingsroute) wordt met vierkante verkeersbordjes het groene nummer met de richting boven ooghoogte aangeven aan weerszijden van de weg. De knooppunten/nummers hoeven niet op volgorde te lopen, dat bepaalt de fietser zelf. Inmiddels zijn er verschillende applicaties en websites (A.N.W.B., Fietsersbond) te vinden ter ondersteuning van je fietsrit. Zelf hebben wij een app. van Fietsknoop in gebruik. Na het invoeren van je knooppunten is dan zelfs de totale afstand af te lezen.

Volg de pijl richting fietsknooppunt 6

Onze ervaring met het fietsknooppuntennetwerk

Wij fietsen old school van knooppunt naar knooppunt. Dat geeft ons meer gevoel van vrijheid. De verschillende landschapseigenaren hebben hun best gedaan om ons te laten fietsen op de mooiste paadjes door de natuur. Die hadden we anders nooit gevonden. De kans dat we langs een autoweg (moeten) fietsen is hierdoor erg klein. Aan de hand van de wind, het tijdstip van de dag en ons uithoudingsvermogen verlengen of verkorten we onze route. We blijven per ongeluk wel eens iets langer hangen in een mooi lunchplekje onderweg en zullen dat toch moeten compenseren om op tijd de meisjes weer van school te halen. Door dit netwerk van knooppunten kunnen we straks op ons vakantieadres gelijk ook goed uit de voeten, eh uit de pedalen.

Zijn jou die fietsknooppunt bordjes wel eens opgevallen?

Nationale Landschap enquête: 81% maakt zich zorgen om landschap

Veel Nederlanders maken zich zorgen over het verdwijnen van bloemen, insecten en vogels in het buitengebied. Dat blijkt uit de Nationale Landschap Enquête van Natuurmonumenten uitgevoerd door Wageningen Environmental Research. Met ruim 45.000 respondenten is het de grootste publieksraadpleging over ons landschap ooit.

Veel Nederlanders maken zich zorgen over het verdwijnen van bloemen, insecten en vogels in het buitengebied. Dat blijkt uit de Nationale Landschap Enquête van Natuurmonumenten uitgevoerd door Wageningen Environmental Research. Met ruim 45.000 respondenten is het de grootste publieksraadpleging over ons landschap ooit. Natuurmonumenten roept de politiek op om het landschap te beschermen bij het maken van ruimtelijke plannen.

Ruim 45.000 volwassenen en 1.600 kinderen vulden de enquête in. 81% van de volwassenen maakt zich zorgen over ontwikkelingen in het landschap waarin zij leven. Marc van den Tweel, algemeen directeur Natuurmonumenten: “Het valt mensen op dat ons landschap steeds stiller en kleurlozer wordt: vogels en bloemen horen en zien mensen steeds minder. Karakteristieke landschapselementen als houtwallen en slootjes verdwijnen en bedrijventerreinen rukken op”. Ook de kinderen valt dit op: 76% is bezorgd over het verdwijnen van dieren als vlinders, bijen, vogels en reeën.

Hoge waardering voor natuurrijk landschap

In de enquête werd gevraagd wat men vindt van het buitengebied bij hun woonomgeving. De enquête ging nadrukkelijk níet om beschermde natuurgebieden, maar juist om het veelal ónbeschermde platteland. Gemiddeld krijgt het Nederlandse buitengebied een 7,5 als rapportcijfer. Door het land heen zijn de verschillen groot. Drenthe scoort gemiddeld een 8,1 en Zuid-Holland een 6,7. Rondom de drie grootste steden is het rapportcijfer zelfs een 6 of lager. Marc van den Tweel: “Daar staat de leefbaarheid dus echt onder druk.” Mensen waarderen hun woonomgeving hoger als ze meer dieren, bomen, en bloemen zien. “Wilde bloemen geven kleur aan onze omgeving en voeding aan insecten. Ze vormen de onmisbare basis voor sterke natuur. Vorig jaar wees onderzoek uit dat twee derde van alle insecten verdween in nog geen dertig jaar. Zonder bloemen geen insecten, zonder insecten geen vogels”.

Meer ruimte voor natuur buiten natuurgebieden

Met alleen het beschermen van natuurgebieden kunnen we de Nederlandse natuur niet redden. Want robuuste gebieden kunnen tegen een stootje, terwijl kleine gebiedjes al gauw flink te lijden hebben onder bijvoorbeeld extreme droogte. Natuurmonumenten zet zich daarom in voor een bloemrijker Nederland. Iedereen kan helpen om plek te maken voor wilde natuur: in parken en tuinen, op bedrijventerreinen of in agrarisch gebied. Natuurmonumenten vraagt grondeigenaren hun bermen, sloten, parken en akkerranden in te zaaien met wilde bloemen en minder vaak te maaien zodat insecten voedsel en bescherming kunnen vinden. Een groot deel van ons platteland wordt beheerd door boeren. 81% van de respondenten wil dat boeren beloond worden voor natuur- en landschapsvriendelijke maatregelen. Marc van den Tweel: “Onze samenwerking met Campina is daar een mooi voorbeeld van. Samen met boeren brengen we bloemrijke bermen en bloeiende weides terug. De boeren krijgen hiervoor extra betaald, terwijl bloemen en insecten meer ruimte krijgen.”

Overheid als regisseur van het landschap

92% van de deelnemers aan de enquête vindt dat de overheid haar verantwoordelijkheid moet nemen als regisseur van het Nederlandse landschap. “Omdat we dan misschien tegen kunnen houden dat de natuur kwijt raakt,” antwoordt een kind op de vraag uit de OERRR-kinderenquête waarom het landschap moet worden beschermd. Van den Tweel: “In een landschap waar natuur onder druk staat en tegelijkertijd woningen, bedrijven, infrastructuur en energieopwekking om ruimte vragen, is zorgvuldige afstemming en inpassing nodig.”

Opwekken duurzame energie op de juiste plek

Ook respondenten geven het signaal dat zorgvuldige ruimtelijke inrichting nodig is. Ze vinden bijvoorbeeld dat er ruimte moet blijven voor het opwekken van duurzame energie. Maar dan wel op logische plekken. Deelnemers (ruim 90%) vinden daken van woningen en bedrijven geschikt voor zonnepanelen. Windmolens willen ze bij snelwegen, havens en bedrijventerreinen (88%). Natuurgebieden en kleinschalige landschappen vinden deelnemers ongeschikt voor het opwekken van duurzame energie.

Verkiezingen

Marc van den Tweel: “Provincies zijn verantwoordelijkheid voor natuur en landschap. Zij nemen besluiten over de toekomst van ons land. In maart zijn de verkiezingen voor de Provinciale Staten. Dat is hét moment voor alle Nederlanders om te kiezen voor een groen en levend landschap.”