Nationale Landschap enquête: 81% maakt zich zorgen om landschap

Veel Nederlanders maken zich zorgen over het verdwijnen van bloemen, insecten en vogels in het buitengebied. Dat blijkt uit de Nationale Landschap Enquête van Natuurmonumenten uitgevoerd door Wageningen Environmental Research. Met ruim 45.000 respondenten is het de grootste publieksraadpleging over ons landschap ooit.

Veel Nederlanders maken zich zorgen over het verdwijnen van bloemen, insecten en vogels in het buitengebied. Dat blijkt uit de Nationale Landschap Enquête van Natuurmonumenten uitgevoerd door Wageningen Environmental Research. Met ruim 45.000 respondenten is het de grootste publieksraadpleging over ons landschap ooit. Natuurmonumenten roept de politiek op om het landschap te beschermen bij het maken van ruimtelijke plannen.

Ruim 45.000 volwassenen en 1.600 kinderen vulden de enquête in. 81% van de volwassenen maakt zich zorgen over ontwikkelingen in het landschap waarin zij leven. Marc van den Tweel, algemeen directeur Natuurmonumenten: “Het valt mensen op dat ons landschap steeds stiller en kleurlozer wordt: vogels en bloemen horen en zien mensen steeds minder. Karakteristieke landschapselementen als houtwallen en slootjes verdwijnen en bedrijventerreinen rukken op”. Ook de kinderen valt dit op: 76% is bezorgd over het verdwijnen van dieren als vlinders, bijen, vogels en reeën.

Hoge waardering voor natuurrijk landschap

In de enquête werd gevraagd wat men vindt van het buitengebied bij hun woonomgeving. De enquête ging nadrukkelijk níet om beschermde natuurgebieden, maar juist om het veelal ónbeschermde platteland. Gemiddeld krijgt het Nederlandse buitengebied een 7,5 als rapportcijfer. Door het land heen zijn de verschillen groot. Drenthe scoort gemiddeld een 8,1 en Zuid-Holland een 6,7. Rondom de drie grootste steden is het rapportcijfer zelfs een 6 of lager. Marc van den Tweel: “Daar staat de leefbaarheid dus echt onder druk.” Mensen waarderen hun woonomgeving hoger als ze meer dieren, bomen, en bloemen zien. “Wilde bloemen geven kleur aan onze omgeving en voeding aan insecten. Ze vormen de onmisbare basis voor sterke natuur. Vorig jaar wees onderzoek uit dat twee derde van alle insecten verdween in nog geen dertig jaar. Zonder bloemen geen insecten, zonder insecten geen vogels”.

Meer ruimte voor natuur buiten natuurgebieden

Met alleen het beschermen van natuurgebieden kunnen we de Nederlandse natuur niet redden. Want robuuste gebieden kunnen tegen een stootje, terwijl kleine gebiedjes al gauw flink te lijden hebben onder bijvoorbeeld extreme droogte. Natuurmonumenten zet zich daarom in voor een bloemrijker Nederland. Iedereen kan helpen om plek te maken voor wilde natuur: in parken en tuinen, op bedrijventerreinen of in agrarisch gebied. Natuurmonumenten vraagt grondeigenaren hun bermen, sloten, parken en akkerranden in te zaaien met wilde bloemen en minder vaak te maaien zodat insecten voedsel en bescherming kunnen vinden. Een groot deel van ons platteland wordt beheerd door boeren. 81% van de respondenten wil dat boeren beloond worden voor natuur- en landschapsvriendelijke maatregelen. Marc van den Tweel: “Onze samenwerking met Campina is daar een mooi voorbeeld van. Samen met boeren brengen we bloemrijke bermen en bloeiende weides terug. De boeren krijgen hiervoor extra betaald, terwijl bloemen en insecten meer ruimte krijgen.”

Overheid als regisseur van het landschap

92% van de deelnemers aan de enquête vindt dat de overheid haar verantwoordelijkheid moet nemen als regisseur van het Nederlandse landschap. “Omdat we dan misschien tegen kunnen houden dat de natuur kwijt raakt,” antwoordt een kind op de vraag uit de OERRR-kinderenquête waarom het landschap moet worden beschermd. Van den Tweel: “In een landschap waar natuur onder druk staat en tegelijkertijd woningen, bedrijven, infrastructuur en energieopwekking om ruimte vragen, is zorgvuldige afstemming en inpassing nodig.”

Opwekken duurzame energie op de juiste plek

Ook respondenten geven het signaal dat zorgvuldige ruimtelijke inrichting nodig is. Ze vinden bijvoorbeeld dat er ruimte moet blijven voor het opwekken van duurzame energie. Maar dan wel op logische plekken. Deelnemers (ruim 90%) vinden daken van woningen en bedrijven geschikt voor zonnepanelen. Windmolens willen ze bij snelwegen, havens en bedrijventerreinen (88%). Natuurgebieden en kleinschalige landschappen vinden deelnemers ongeschikt voor het opwekken van duurzame energie.

Verkiezingen

Marc van den Tweel: “Provincies zijn verantwoordelijkheid voor natuur en landschap. Zij nemen besluiten over de toekomst van ons land. Op 20 maart zijn de verkiezingen voor de Provinciale Staten. Dat is hét moment voor alle Nederlanders om te kiezen voor een groen en levend landschap.”

Auteur: Linda Meester

Moeder van drie dochters. Blogger/ eigenaar van Thuisleven.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s